Interessante zaken
Prinses Máxima maakt kennis met ‘outreachende’ aanpak
Op 12 oktober bracht de Raad voor de Microfinanciering, in aanwezigheid van HKH Prinses Máxima der Nederlanden, een bezoek aan Utrecht. In diezelfde week volgden bezoeken aan de borgstellingsregio ‘Ondernemerszaken’ in Tilburg, MF-ondernemerspunt OOA en Qredits in Almelo. In Utrecht sprak de prinses met ondernemers en adviseurs van Wijk in Bedrijf, het MF-ondernemerspunt in de Domstad. De adviseurs gaven uitleg over de outreachende aanpak om de doelgroep van startende ondernemers te bereiken. Waaruit bestaat die aanpak?
Wijk in Bedrijf, opgericht in 2008, begeleidt in opdracht van de gemeente Utrecht gevestigde en startende ondernemers. Vooral om die eerste doelgroep te bereiken, hanteert Wijk in Bedrijf een outreachende aanpak. Wat houdt die in? ‘In de praktijk betekent het vooral dat je de zolen van je schoenen loopt’, vertelt José ten Kroode. Zij is directeur van Zwind, de organisatie die het project Wijk in Bedrijf in opdracht van de gemeente Utrecht uitvoert. ‘We proberen vooral de informele netwerken te traceren en daar toegang toe te krijgen.
Dat doe je bijvoorbeeld door naar zichtbare ondernemers en wijkfeesten te gaan, braderieen te bezoeken of je haar te laten knippen in een moskee, zoals laatst een medewerker deed. Op die manier gaan we met mensen het gesprek aan over ondernemerschap. Gewoon op persoonlijke titel, niet namens Wijk in Bedrijf of de gemeente. Zo kom je ook vanzelf in contact met de informele economie. Bijvoorbeeld met die jongen die een uitkering heeft en de kamer van z’n buurvrouw gaat behangen, omdat hij dat eerder zo goed heeft gedaan bij z’n moeder. Die jongen wil misschien wel een eigen bedrijf beginnen, maar het is voor hem nog een hele toer om op eigen kracht uit een uitkeringssituatie te komen.’
Warm en onverbiddelijk
Dankzij de outreachende aanpak komt Wijk in Bedrijf in contact met potentiële ondernemers die anders wellicht niet bereikt zouden worden. Daarna is de juiste coaching van belang. ‘Die moet warm zijn, maar onverbiddelijk’, aldus Ten Kroode. ‘Je moet geen goed bedoelde adviezen geven, maar goed luisteren naar de vraag van de ondernemer en daar een antwoord op geven. Dan kan hij verder. Eindeloos pamperen en klanten bij je houden heeft geen enkele zin: de ondernemer moet zo snel mogelijk op eigen benen staan. Ondernemers krijgen bij ons dan ook maximaal zo’n zeven keer coaching. Het gemiddelde ligt op drie.’
Dat de aanpak van Wijk in Bedrijf werkt, blijkt uit de cijfers. De formule wordt al langere tijd elders in het land toegepast: TNS Nipo-onderzoek wijst uit dat 1 op de 2,3 mensen na een intake ook daadwerkelijk start. Na drie jaar is 94 procent van de bedrijfjes nog steeds in leven. Hoe zou het allemaal nog beter kunnen? Ten Kroode: ‘Het is vervelend dat dit soort projecten vaak gekoppeld is aan postcodegebieden, zo zit de economie niet in elkaar. Netwerken trekken zich weinig aan van een indeling die een gemeente maakt. Mensen komen soms ook uit andere gebieden naar ons toe. Verder zou er een structurele financiering moeten komen voor de MF-ondernemerspunten: een simpele, landelijke regeling. Nu zijn MF-ondernemerspunten afhankelijk van allerlei tijdelijke potjes. Onderzoek wijst uit dat investeren in dit soort projecten dubbel en dwars loont.’
Prinses Máxima en Diederik Laman Trip, voorzitter van de Raad voor de Microfinanciering, waren beiden onder de indruk van de prestaties van Wijk in Bedrijf. ‘De prinses benadrukte dat ze ons een bezoek wilde brengen, omdat wij nog maar zo kort bestaan en toch zo goed draaien’, vertelt manager Margriet Stuurman van Wijk in Bedrijf. ‘Ze vond onze aanpak dan ook heel interessant.’ Máxima luisterde naar vijf ondernemers, en kreeg vervolgens een rondleiding door El Moro, een winkel in Marokkaanse woonaccessoires die vorig jaar is opgezet met hulp van een microkrediet.
Foto: Henk de Graaf Fotografie

